Succesverhalen

Een kantoorgenoot vertelt:

“Ik werd door de rechtbank aangesteld als curator van een failliete bouwonderneming. Net voor het faillissement had de directeur, tevens de enig aandeelhouder van het bedrijf, een katvanger als nieuwe directeur aangesteld. Bij controle van de boekhouding bleek al snel waarom. De directeur had ruim € 85.000,00 aan het bedrijf onttrokken, zonder dat daar een geldige reden voor was (dit was dus geen loon of managementfee). Ruim € 12.000,00 was gespendeerd in veelal dure restaurants. Op schriftelijke verzoeken om het geld terug te betalen, reageerde de directeur simpelweg niet.”

Uit het RDW-register bleek al snel dat de directeur in een Ferrari reed! Met een goed geschreven beslagrekest werd toestemming van de rechter verkregen om conservatoir beslag te leggen. Daarna werd het lastig: de auto zelf moest nu nog gevonden worden (vanaf april 2021 kan beslag op auto’s overigens worden gelegd via het register, zonder de auto te zien). Het toeval wilde echter dat de auto bij een garage werd aangetroffen, waar hij stond voor een servicebeurt. Nog toevalliger was dat de gerechtelijke bewaarder, waar de auto zou worden opgeslagen gedurende het beslag, aan de overkant van de straat was gevestigd. De taak van de deurwaarder werd daardoor erg eenvoudig. Binnen een kwartier stond de auto achter slot en grendel!

Na het conservatoire beslag werd een hoofdprocedure gestart. Toen de zaak op zitting kwam, verdedigde de directeur zich met een beroep op verjaring en verrekening, maar dat mocht nauwelijks baten. Al snel kon ik een zeer lucratieve schikking treffen. Daarbij werd duidelijk dat het ‘afpakken’ van het dure speelgoed van de directeur een doorslaggevende rol had gespeeld.”

Een andere kantoorgenoot vertelt:

“Twee voormalige partners dreven na hun relatie samen nog een bedrijf, waarbij op enig moment bleek dat compagnon B contante gelden in eigen zak stak. Compagnon A wist, op basis van hun gedeelde geschiedenis, dat B diens contante geld meestal in een kluis in diens slaapkamer bewaarde. Na beslagverlof te hebben gekregen, kon de deurwaarder met behulp van een slotenmaker (en in aanwezigheid van de politie) zonder schade zowel de voordeur als de kluis openmaken. In de kluis bleek een bedrag ter waarde van een behoorlijke auto te liggen. Nog voordat de inhoudelijke procedure over de contante gelden was gestart, stond compagnon A met 1-0 voor.”